STAMBOOM VAN HEYNDRICK (HOOGERBEETS)

31. INDIRECTE VERWANTSCHAP over AREND (AERT) BOOTH
(Machteld van Steynemolen's Echtgenoot van achternicht, 9 gen. verwijderd, )

Generatie van Heyndrick's 9 maal oud-oud-grootouders

1130.   GISEBRECHT BOTHEN {i3162} (Arend (Aert)'s Oudvader).
Noot:  er zijn verschillende aanwijzingen dat Ghisebrecht Bothensoon in de 12e eeuw de achternaam Booth of variant in Holland heeft geïntroduceerd.
1131.   GERPRICH (GERPING) - {i3163} (Arend (Aert)'s Oudmoeder).
Gisebrecht Bothen huwde Gerprich (Gerping) -. Zij kregen drie kinderen:
Arent (Arnold) Bothen
Badeloch Bothen
Gerard Gijsbrechtsz Boothen (Bothe, Botho) in r1120
Deze familie wordt getoond als stamboom 431.

Generatie van Heyndrick's 8 maal oud-oud-grootouders

1132.   GERARD GIJSBRECHTSZ BOOTHEN (BOTHE, BOTHO) {i3161} (Arend (Aert)'s Betovergrootvader) werd geboren rond 1120 als kind van Gisebrecht Bothen en Gerprich (Gerping) -, zoals getoond in stamboom 431. Gerard Gijsbrechtsz is gestorven na 1205, ouder dan 85 jaar.
Noot:  hofmeester van de graaf van Hollant.
Gerard Gijsbrechtsz was de vader van een zoon:
Arend (Aarnd) Gerardsz Bothen in r1160
Deze familie wordt getoond binnen stamboom 434.
1133.   ARENT (ARNOLD) BOTHEN {i3164} (Arend (Aert)'s 2 maal oud-oud-oudoom) werd geboren als kind van Gisebrecht Bothen en Gerprich (Gerping) -, zoals getoond in stamboom 431.
Noot:  proost van St. Marienkapittel te Utrecht omtrent 1145.

1134.   BADELOCH BOTHEN {i3165} (Arend (Aert)'s 2 maal oud-oud-oudtante) werd geboren als kind van Gisebrecht Bothen en Gerprich (Gerping) -, zoals getoond in stamboom 431.
1135.   EGBERT VAN AMSTEL {i3166} (Arend (Aert)'s 2 maal oud-oud-oudoom via huwelijk) werd geboren rond 1102.
Noot:  1156 ministriaal van de bisschop van Utrecht

waarschijnlijk zoon van Wolfert van Amstel, heer van Amstel, ministeriaal van de bisschop van Utrecht, schout van Amstelland;
vermeld als getuige voor bisschop Andreas in 1131 [1], nogmaals in 1131 [2]; getuige voor bisschop Hartbert in 1143 [3]. In 1145 als getuige vermeld in de oorkonde waarin koning Koenraad volgens rechterlijke uitspraakde Utrechtse kerk bevestigt in het bezit van het graafschap Oostergo en Westergo [4]. In hetzelfde jaar als getuige vermeld in de oorkonde waarbij koning Koenraad aan de kapittelen van de Dom en Oudmunster het uitsluitende recht schenkt, om bij vacature een nieuwe bisschop te kiezen [5]. Getuige voor het kapittel van Sint-Pieter in 1147 [6]. In 1156 herstelt keizer Frederik het kapittel van Sint-Marie te Utrecht in het bezit van enige tienden en andere goederen, hun door Egbert van Amstel, ministeriaal van Sint-Maarten, wederrechtelijk ontnomen, nadat Egbert van Amstel tevoren ten overstaan van bisschop Hartbert het recht van het kapittel daaroperkend had en bepaalt verder de grenzen van de wederzijdse landen [7]. Als getuige vermeld in de oorkonde van 1165 waarbij keizer Frederik vergunt, dat door de Nude een waterleiding gegraven zal worden tot afvoer van het water van de Rijn naar zee, en dat een dam, bij Wijk in de Rijn gelegd, zal blijven bestaan, en beveelt de dam te Zwammerdam, door de graaf van Holland ten onrechte daar aangelegd, op te ruimen [8]. In 1169 oorkondt bisschop Godfried, dat hij door de bemoeiingen van aartsbisschop Philips van Keulen met Egbert van Amstel, die in de rijksban gevallen was, verzoend is, en wel op voorwaarde, dat Egbert de goederen die hij zich wederrechtelijk als leenman had toegeëigend en nu teruggegeven heeft, als dienstgoed van het schoutambt (van Amstel) heeft terugontvangen, en dat hij verder afstand heeft gedaan van het Bijlmerbroek en de halve tiend van Weesp, die hij zich eveneens wederrechtelijk had toegeëigend [9]. In 1171 als getuige vermeld als keizer Frederik bisschop Godfried bevestigt in het bezit der door keizer Otto II geschonken goederen [10]. Voor het laatst vermeld in 1172, als getuige voor bisschop Godfried, samen met zijn zoon Hendrik [11].
Volgens Van Spaen had Egbert reeds ten tijde van bisschop Hartbert een geschil met het kapittel van Sint-Marie te Utrecht. Egbert, dienstman en ministeriaal van Sint-Maarten, had onenigheid met het kapittel van Sint-Marie over het rechtsgebied, de tinsen en tienden van zeker nieuw ontgonnenland, dat Egbert, hoewel het door bisschop Heribert aan het kapittel wastoegewezen, zich toegeëigend had. Keizer Frederik verplichtte Egbert echter in 1156 afstand te doen en bepaalde tevens de grenzen van deze "novalia". Voorts bracht Egbert nadeel toe aan de kerk van Sint-Maarten, door zich alle diensten en dienstgelden in Amstel en omliggende gerechten toete eigenen, terwijl deze eigenlijk de bisschop toekwamen. Hij werd daarvoor in de kerkelijke ban gedaan. Door bemiddeling van Philip, aartsbisschop van Keulen, kwam in 1169 een verzoening tot stand tussen de bisschopen Egbert. Egbert moest afstand doen van alle rechten, die volgens Egbert hem als leenrecht toebehoorden, maar ontving die van de bisschop "in officium villicationis", als meijer (ambtman), voor zich en na zijn dood voor zijn zoon terug. Tevens droeg Egbert het veen Bijlmerbroek en de halve tiend van Weesp over aan de bisschop.
Bron: http://www.kareldegrote.nl "Genealogie van Amstel-IJsselstein", door Philip van Dael.
[1] OSU, nummer 331, de dato 1131, voor 23 augustus. De getuigen betreffen "clerici et laici, liberi et ministeriales". Er is echter geen duidelijke splitsing in de de rij getuigen aangegeven, doch uit het feit dat Egbert vrij achteraan in de rij staat, behoort hij waarschijnlijk tot de "ministeriales".
[2] OSU, nummer 333, de dato 1131, voor 23 augustus. Als vierde persoonna Egbert in de rij der getuigen wordt Godfried van Amstel genoemd.
[3] OSU, nummer 383, de dato 7 oktober 1143. Vermeld onder de "leke-getuigen".
[4] OSU, nummer 388, de dato 18 oktober 1145.
[5] OSU, nummer 389, de dato 18 oktober 1145.
[6] OSU, nummer 392. Vermeld onder de "leke-getuigen".
[7] OSU, nummer 414, de dato 1156, tussen 9 maart en 18 juni.
[8] OSU, nummer 448, de dato 25 november 1165.
[9] OSU, nummer 462. "..quod Eggebertus de Amestella ecclesie sancti Martini et mihi intolerabiles injurias intulit, omne servicium, quod ipsa ecclesia de jure debuit habere in Amestella.."
[10] OSU, nummer 472, de dato 12 oktober 1171.
[11] OSU, nummer 473, de dato 1172, tussen 18 juni en 24 september. "Ministeriales: Ekbertus de Amestelle, filius ejus Heinricus,..".

Egbert van Amstel huwde Badeloch Bothen. Zie stamboom 432.

Generatie van Heyndrick's 7 maal oud-oud-grootouders

1136.   AREND (AARND) GERARDSZ BOTHEN {i3160} (Arend (Aert)'s Overgrootvader) werd geboren rond 1160 als kind van Gerard Gijsbrechtsz Boothen (Bothe, Botho), zoals getoond binnen stamboom 434. Arend (Aarnd) Gerardsz is gestorven na 1205, ouder dan 45 jaar.
Noot:  1201 rechter te Hartesweerde (Heradswaard).
Arend (Aarnd) Gerardsz was de vader van een zoon:
Gerard Aarndsz Both in r1205
Deze familie wordt getoond als stamboom 433.

Generatie van Heyndrick's 6 maal oud-oud-grootouders

1137.   GERARD AARNDSZ BOTH {i3150} (Arend (Aert)'s Grootvader) werd geboren rond 1205 als kind van Arend (Aarnd) Gerardsz Bothen, zoals getoond in stamboom 433.
Noot:  "Gerard Boot, 1243, vermelt met Dirck van Minnigem, bailliou van Zuyt-Hollant, in een brief van Niclaes, heere van Putten in ’t voorszegde jaer". Bron: Van Beverwijck: "Memorien uyt de Beschrijvinge der stadt Dordrecht", pagina 175; zou als ridder vermeld zijn 1262 en 1271 [Bron: Gens Nostra 1985 pag. 525].
Gerard Aarndsz was de vader van een zoon:
Cornelis Gerardsz Booth
Deze familie wordt getoond als stamboom 434.

Generatie van Heyndrick's 5 maal oud-oud-grootouders

1138.   CORNELIS GERARDSZ BOOTH {i3148} (Arend (Aert)'s Vader) werd geboren als kind van Gerard Aarndsz Both, zoals getoond in stamboom 434.
Noot:  knape op Duijvesteijn, schepen van Dordrecht (1310).
1139.   GEERTRUYT CORNELIA DANIELSDR VAN DER MERWEDE {i3149} (Arend (Aert)'s Moeder) werd geboren rond 1270, in Dordrecht.
Cornelis Gerardsz Booth huwde Geertruyt Cornelia Danielsdr van der Merwede. Zij kregen zes kinderen:
Daniel Booth
Gerard Booth
Jan Booth
Maria Booth
Pieter Booth
Arend (Aert) Booth in r1290
Deze familie wordt getoond als stamboom 435.

Generatie van Heyndrick's 4 maal oud-oud-grootouders

1140.   DANIEL BOOTH {i3151} (Arend (Aert)'s Broer) werd geboren als kind van Cornelis Gerardsz Booth en Geertruyt Cornelia Danielsdr van der Merwede, zoals getoond in stamboom 435.

1141.   GERARD BOOTH {i3152} (Arend (Aert)'s Broer) werd geboren als kind van Cornelis Gerardsz Booth en Geertruyt Cornelia Danielsdr van der Merwede, zoals getoond in stamboom 435.

1142.   JAN BOOTH {i3153} (Arend (Aert)'s Broer) werd geboren als kind van Cornelis Gerardsz Booth en Geertruyt Cornelia Danielsdr van der Merwede, zoals getoond in stamboom 435.
Noot:  Decaan en Provisor in den lande van Putten omtrent 1352.

1143.   MARIA BOOTH {i3154} (Arend (Aert)'s Zus) werd geboren als kind van Cornelis Gerardsz Booth en Geertruyt Cornelia Danielsdr van der Merwede, zoals getoond in stamboom 435.
1144.   RIJCOUT (RICOUT) WILLEMSZ VAN BRAKEL {i3156} (Arend (Aert)'s Zwager) werd geboren als kind van Willem Tolnaerz, zoals getoond binnen stamboom 436.
[Zie ook: "Indirecte Verwantschap over Rijcout (Ricout) Willemsz van Brakel"]
Rijcout (Ricout) Willemsz van Brakel huwde Maria Booth. Zij kregen een zoon:
Godschalk van Brakel
Deze familie wordt getoond als stamboom 436.
1145.   PIETER BOOTH {i3155} (Arend (Aert)'s Broer) werd geboren als kind van Cornelis Gerardsz Booth en Geertruyt Cornelia Danielsdr van der Merwede, zoals getoond in stamboom 435.
Noot:  kanunnik van Oud-Munster te Utrecht.

Generatie van Heyndrick's 3 maal oud-oud-grootouders

1146.   GODSCHALK VAN BRAKEL {i3157} (Arend (Aert)'s Oomzegger) werd geboren als kind van Rijcout (Ricout) Willemsz van Brakel en Maria Booth, zoals getoond in stamboom 436.
1147.   NN VAN HEEMSKERK {i3158} (Arend (Aert)'s Vrouw van oomzegger).
Godschalk van Brakel huwde Nn van Heemskerk. Zie stamboom 437.

 

Web design: Grovon
Copyright © 2000-2012 Grovon
Alle Rechten Voorbehouden